Er zijn slechtere Oscar-winnaars denkbaar. Das Leben der Anderen heeft een verhaal te vertellen. De acteurs hebben eens een keer echte rollen.
Naderhand komen er toch wat vragen bij mij boven. Heeft de film eigenlijk wel een moraal?
Er zijn in het rijk gevulde verhaal in feite twee narratieve focussen: de Stasi-officier en de door hem geobserveerde toneelschrijver (gespeeld door Ulrich Mühe en Sebastian Koch respectievelijk). Dat merk je alleen al aan de physiognomie. Waar de rest van de cast uit echt 'ouderwetse' DDR-koppen bestaat, vooral de ouderen, springen de gezichten van Mühe en Koch er uit als opvallend 'modern'. Mühe met zijn onwaarschijnlijk lege hoofd en dito blik. En Koch is veel te knap, kijkt te warm uit zijn bruine ogen (dat had je vroeger niet). Dus dit zijn onze helden.
We krijgen daarmee twee in elkaar geschoven plotlijnen: de gevoelloze voyeur die gaandeweg ontdooit en de schrijver die beseft een morele verantwoordelijkheid te moeten aangaan. Daaromheen is de plot nauwelijks uitgewerkt, en dat is jammer. De rol van Koch's geliefde blijft bv onderbelicht. Ze pleegt verraad aan hun liefde, tweemaal, en die tweede keer 'bij volle bewustzijn'. In Zizekiaanse zin is zij daarmee de werkelijke ethische held van dit verhaal. Degene die haar verlangen als enige niet compromitteert, die alles wil (de sex én de liefde).
Naderhand komen er toch wat vragen bij mij boven. Heeft de film eigenlijk wel een moraal?
Er zijn in het rijk gevulde verhaal in feite twee narratieve focussen: de Stasi-officier en de door hem geobserveerde toneelschrijver (gespeeld door Ulrich Mühe en Sebastian Koch respectievelijk). Dat merk je alleen al aan de physiognomie. Waar de rest van de cast uit echt 'ouderwetse' DDR-koppen bestaat, vooral de ouderen, springen de gezichten van Mühe en Koch er uit als opvallend 'modern'. Mühe met zijn onwaarschijnlijk lege hoofd en dito blik. En Koch is veel te knap, kijkt te warm uit zijn bruine ogen (dat had je vroeger niet). Dus dit zijn onze helden.
We krijgen daarmee twee in elkaar geschoven plotlijnen: de gevoelloze voyeur die gaandeweg ontdooit en de schrijver die beseft een morele verantwoordelijkheid te moeten aangaan. Daaromheen is de plot nauwelijks uitgewerkt, en dat is jammer. De rol van Koch's geliefde blijft bv onderbelicht. Ze pleegt verraad aan hun liefde, tweemaal, en die tweede keer 'bij volle bewustzijn'. In Zizekiaanse zin is zij daarmee de werkelijke ethische held van dit verhaal. Degene die haar verlangen als enige niet compromitteert, die alles wil (de sex én de liefde).
Een hoge Stasi-officier als psychisch gekwelde voyeur is natuurlijk een anachronisme. In totalitaire staten is het panoptisch regime bureaucratisch uitgedifferentieerd. Overtuigend is wel de openingssequentie waarin Mühe een verhoor afneemt. Hier is zijn 'imperturbable gaze' zo overtuigd van de schuld van het subject voor hem, dat het ontlokken van een bekentenis slechts een kwestie van techniek wordt.
Mühe's directe baas is een prachtig voorbeeld van deze cynische distantie. Die heeft hem in het partij-apparaat al ver gebracht, verder dan een Mühe ooit zal komen. Briljant is de volgende dubbelzinnige scene: in de kantine van een ministerie lunchen Mühe en zijn baas aan een tafel waar ook enkele ondergeschikten zitten. Eentje wil een grap over Honecker vertellen, wordt dan door de angstige blikken van zijn collega's geattendeerd op de belangstelling van de twee Stasi's. Nee, nee, verzekert Mühe's baas, wij hebben óók gevoel voor humor, ga gerust je gang. De man doet het en vertelt zijn grap. Cut naar gezicht van Mühe's baas: dat is gaandweg helemaal verstrakt. Op officiële toon: Zo? Naam? Functie? Je begrijpt dat dit consequenties zal hebben? De man van de grap kan het eerst niet geloven, zijgt dan volkomen verslagen neer. Daarop barst Mühe's baas in aanstekelijk gelach uit: ik maakte maar een grap, je geloofde me toch niet? Je nam me toch niet letterlijk?
En de rol van Koch? Het eigenaardige is dat het handelen van deze 'positieve' held nader beschouwd iets verdachts aankleeft. Zo zien we hem uiteindelijk na de Wende bij een nieuwe enscenering (een kapitalistische! dus via opera en decor totaal geabstraheerd van de inhoud) van het stuk dat we ook aan het begin van de film zagen. Aan zijn zijde bevindt zich een knappe, jonge vriendin. Misschien kijkt hij wat weltschmerzig, maar hij is wel degelijk een succes! Eigenlijk is hij van dezelfde orde als de cynicus: een succesvolle adapter aan het systeem. Zijn naïviteit is oprecht, maar functioneert onbewust als precies die noodzakelijke distantie tot de werkelijkheid die maakt dat je ver zult komen. Je hoeft dan niet alles te zien.
Wat is nu de morele les van de gebeurtenissen? Onze sentimentele kijkgewoontes nemen voetstoots aan dat Mühe een in zijn emoties geremd, maar niet wezenlijk slecht mens is, die als het er op aankomt zijn 'hart kan laten spreken'. Maar Mühe is en blijft een gelovig Stasi. Kochs voorbeeld ontroert hem juist als een voorbeeld van integer communisme. Letterlijk genomen heeft Mühe nooit hoeven twijfelen aan de juistheid van zijn beslissingen: die waren altijd volgens de leer. En dus kan hij in morele zin ook niets hebben 'geleerd'.
Dit is ahw de moraal van het verhaal: morele handelingen blijven ook in een totalitaire staat mogelijk, zolang je maar een mens blijft.
Toch zit er een beetje vreemde bijsmaak aan dat slot. Waarom vermijdt Koch het eigenlijk Mühe direct aan te spreken? Waarom toont hij zijn dank indirect, via die opdracht? Niet toevallig lijkt hij daar zelf het meeste baat bij te hebben: zo wordt hij exclusief auteur van een roman met een interessant verhaal. Werkt goed in de media. In het verenigde Duitsland draait het ten slotte om symbolisch kapitaal. Esthetiek boven solidariteit. Beter je niet met de werkende handen van het proletariaat te afficheren.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten