7.2.07

muzikale tijdgeest

Klaxons, Myths of the Near Future

De New Rave. Ik hoor alleen dat er binnen het song-format dat we van de nieuwe britse bandjes kennen wat rave-geluidjes op de achtergrond worden toegevoegd.
Intellectualistische slogans.
Eigenlijk zijn alleen die 'oude' nummers van de eerste twee singles leuk. Het debuut als geheel valt flink tegen. Een soort evolutionaire speed-up van het verouderingsproces dat deze bandjes doorgaans pas bij die 'moeilijke tweede cd' treft.

Wat new rave zou kúnnen zijn horen we op de Jagz Kooner remixes van Deus laatste album: Pocket Revolution Burnt. Die zijn overigens (beiden: band en remixer) wel van de juiste generatie.

Klein excurs: Stand der productiekrachten.
Als je vanuit Nederland per trein België inrijdt lijkt het vaak of je op een oudere tijdslaag stuit: de armoede van bepaalde voorsteden, de grauwe huizen, vuile fabrieken, ongezonde koppen ... Een troosteloos substratum van industriële productiekracht dat hier op de een of andere manier is achtergebleven.
De muziek van Deus kent ook een dergelijk substratum. Deus componeert namelijk met de muzikale middelen van de jaren 80. Denk aan de ouderwetse verse-chorus structuren, de obligate Beefheart-verering, de zelfkant-romantiek. Een synthesizer wordt hier nooit functioneel gebruikt, kleurt alleen het refrein in. Tussen de rock-nummers door krijg je een ballad of bv een samba-nummer.
Dat is het eeuwig 'ouderwetse' aan Deus. Begin jaren 90 wisten ze daar zelf wat aan te doen met een injectie grunge.
Anno nu is het de remixer Kooner die middels een shotje rave de zaak retro-fähig maakt.

Terug naar de Klaxons.
Enige tijd geleden stonden ze nog op een compilatie van London Calling. Ja, het kan snel gaan. De eerste klap moet meteen raak zijn.
Zo wordt je ook sneller volwassen.
Dat valt ook op als je die London Calling compilatie vergelijkt met eentje van Subbacultcha met alternatieve Nederlandse bands. De Britten spelen format-gericht, recht op de man af: de 3-minuten song met de winnende hook. Dat gaat snel eenvormig klinken: door de lawine aan dergelijke bandjes lijkt de variatieruimte reeds enigszins uitgeput. De Subbacultcha bands zijn misschien wat minder goed, maar klinken wel 'eigen'. Je kunt ze goed uit elkaar houden. Minder sex-appeal, meer onhandigheid. En onhandigheid is groei-potentieel. (In een betere wereld).

Een laatste punt. Wat is toch die post-punk invloed waar iedereen het bij dingen als de Klaxons over heeft? Vroeger heette dat gewoon new wave.

Geen opmerkingen: